Een nestkastje ophangen voor onze gevederde vrienden is een prachtige manier om de natuur een handje te helpen en tegelijkertijd te genieten van vogelobservatie dicht bij huis. Maar wanneer is nou precies het beste moment om dit te doen?
Je leest het in dit artikel.

Veel leesplezier!
Marion


Het beste moment om een nestkastje op te hangen

Idealiter plaats je het nestkastje vóór het broedseizoen. Dit varieert per regio en vogelsoort, maar over het algemeen begint het broedseizoen in het vroege voorjaar. Door het kastje al in de late winter of het vroege voorjaar op te hangen – denk aan februari of maart – geef je de vogels de kans om het kastje te ontdekken en te wennen aan de aanwezigheid ervan voordat het broedseizoen echt van start gaat.

Het is ook slim om te kijken naar het weer en de klimaatomstandigheden in jouw regio. In gebieden waar het weer snel kan omslaan of waar late vorst een risico vormt, kan het verstandig zijn iets langer te wachten om te voorkomen dat vroege broedsels worden getroffen door kou. Aan de andere kant, in mildere klimaten, kun je vaak al vroeger in het seizoen beginnen met het ophangen van nestkastjes.

Een ander punt om rekening mee te houden is dat sommige vogels meerdere broedsels per seizoen kunnen hebben. Voor deze soorten kan het plaatsen of schoonmaken van nestkastjes zelfs tot in de late lente of vroege zomer nuttig zijn, om ondersteuning te bieden voor latere broedpogingen.

Wanneer is het broedseizoen van tuinvogels?

Het broedseizoen van tuinvogels in Nederland loopt over het algemeen van maart tot en met juli. Dit is de periode waarin de meeste vogelsoorten hun nesten bouwen, eieren leggen, en hun jongen grootbrengen. Het precieze begin en einde van het broedseizoen kan echter variëren afhankelijk van de weersomstandigheden en de specifieke soort.

In maart, als de temperaturen beginnen te stijgen en de dagen langer worden, starten veel vogels met de voorbereidingen voor het broedseizoen. Ze zoeken naar geschikte nestplaatsen, zoals dichte struiken, bomen, of speciaal voor hen opgehangen nestkastjes. Tuinvogels zoals mezen, mussen, en vinken zijn actief bezig met het bouwen van hun nesten en het leggen van eieren.

Het hoogtepunt van het broedseizoen ligt vaak in april en mei, wanneer de meeste eieren worden gelegd en de jongen worden uitgebroed. In deze periode is het belangrijk om de vogels zo min mogelijk te storen en ervoor te zorgen dat ze voldoende voedsel kunnen vinden om hun groeiende gezin te voeden.

Tegen het einde van het broedseizoen, rond juni en juli, zijn de meeste jonge vogels uitgevlogen. Sommige soorten kunnen echter meerdere broedsels per seizoen hebben, vooral als de weersomstandigheden gunstig zijn. Daarom kan het voorkomen dat je ook in de latere zomermaanden nog actieve nesten in je tuin aantreft.

Het is raadzaam om tijdens het broedseizoen extra zorgvuldig te zijn met tuinwerkzaamheden in de buurt van nestplaatsen en om huisdieren op afstand te houden om de vogels niet te verstoren. Het aanbieden van voedsel en water kan daarnaast een welkome ondersteuning zijn voor de oudervogels en hun jongen tijdens deze drukke en energie-intensieve periode.

9 Tips om jouw nestkast goed op te hangen

Volgens de Vogelbescherming is de locatie waar je jouw nestkastje ophangt, het allerbelangrijkst. “Een eenvoudige nestkast op een goede plek is populairder dan een fantastische nestkast op een ongeschikte plek.”

Dit zijn de 9 tips die de Vogelbescherming geeft om jouw nestkast goed op te hangen.

  1. Hang de nestkast op een rustige plek op, zodat de vogels zich veilig voelen en naar binnen durven. Dus niet direct naast het terras, als je daar in het voorjaar zelf vaak zit.
  2. Niet in de volle zon, dus liever niet op het zuiden.
  3. Beschut tegen de wind. De invliegopening kan het beste op het noordoosten zijn gericht, want de wind komt in Nederland vaak uit het zuidwesten.
  4. Een vrije en veilige aanvliegroute is belangrijk. Geen takken direct voor de opening.
  5. Uit de buurt van katten. Gaas om de boom kan katten uit de buurt houden.
  6. Vogels van dezelfde soort wonen het liefst tenminste tien meter van elkaar. Voor vogels van verschillende soorten, zoals koolmees en pimpelmees, kunnen de kasten een meter of drie uit elkaar hangen.
  7. Koloniebroeders wonen wel weer graag in groepen: de nesten voor mussen, spreeuwen en zwaluwen kunnen daarom wel naast elkaar hangen.
  8. Hang de nestkast stevig op, zodat hij niet kan gaan slingeren of vallen.
  9. Ophangen in het najaar. Vogels kunnen er al aan wennen en de kast gebruiken als slaapplek.

En… maak de kast elk jaar in september of oktober weer schoon. Met kokend water. Trek zelf keukenhandschoenen aan, want heel schoon zal het niet zijn.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *